Leestijd:
3 februari 2026
Sommige onderwerpen komen niet één keer voorbij in je leven.
Ze blijven terugkomen, steeds in een andere vorm. Voor mij begon dat met voeding.
Niet vanuit een ideaalbeeld van duurzaamheid of een ambitie om iets aan het voedselsysteem te veranderen. Het begon veel dichterbij huis. Mijn gezondheid vroeg aandacht. Ik kreeg klachten, mijn energie nam af en ik ging op zoek naar manieren om beter voor mezelf te zorgen.
Gaandeweg ontdekte ik hoeveel invloed voeding heeft op mijn gezondheid, energie en veerkracht. Wat eerst een persoonlijke zoektocht leek, bracht me bij grotere vragen. Waar komt ons voedsel vandaan? Waarom is gezond eten niet altijd vanzelfsprekend? En hoe zijn onze gezondheid, landbouw en leefomgeving eigenlijk met elkaar verbonden?
Terwijl die vragen zich aandienden in mijn privéleven, kwam ik ze ook tegen in mijn werk.
Een tafel vol vragen

In 2024 werkte ik mee aan bij De Groene Bourgondiër, een opdracht van de Club van Duurzaam Doen in ’s-Hertogenbosch. Het doel was om mensen uit verschillende werelden samen te brengen rond de vraag hoe we kunnen bouwen aan een duurzamer voedselsysteem.
Tijdens tafelsessies ontmoette ik bewoners, boeren, ondernemers, beleidsmakers en initiatiefnemers. Mensen die ieder vanuit hun eigen perspectief bezig waren met voedsel, gezondheid en duurzaamheid.
Wat mij vooral opviel, was hoeveel er al gebeurde.
Er waren voedselbossen, moestuinen, korte ketens, lokale producenten en betrokken bewoners. Tegelijkertijd zag ik hoe versnipperd die initiatieven vaak waren. Veel mensen werkten aan dezelfde beweging, zonder elkaar altijd te kennen.
Aan tafel ontstonden gesprekken die verder gingen dan voedsel alleen. We spraken over gezondheid, gemeenschapszin, landschap, economie en de vraag hoe verandering daadwerkelijk ontstaat.
Toen de vraag groter werd
Langzaam begon ik te begrijpen waarom dit onderwerp me zo raakte. Het ging niet alleen over wat er op ons bord ligt.
Het ging ook over hoe we samenleven.
Over de afstand tussen producent en consument.
Over de toegankelijkheid van gezond voedsel.
Over buurten waarin ontmoeting vanzelfsprekend is, of juist niet.
Over de vraag hoe we zorg dragen voor de bodem waarop ons voedsel groeit én voor de mensen die ervan leven.
Wat ik eerst zag als losse thema’s, bleek steeds meer met elkaar verbonden.

Na afloop bleef het knagen
Aan het einde van het traject lag er een actieplan. Een logisch resultaat van het project. Maar voor mij voelde het niet als een afronding.
De gesprekken, ontmoetingen en inzichten hadden iets in beweging gezet. Ik merkte dat de vragen niet verdwenen toen de opdracht afliep. Integendeel. Ze werden sterker.
- Waarom is gezond voedsel voor zoveel mensen niet vanzelfsprekend?
- Wat gebeurt er als voedsel weer dichter bij huis komt?
- Welke rol kunnen buurten spelen?
- En wat vraagt dat van bewoners, ondernemers, overheden en initiatiefnemers?
Misschien nog wel belangrijker: welke rol heb ik daarin zelf?
Een begin, geen eindpunt
Achteraf zie ik dat De Groene Bourgondiër voor mij geen eindbestemming was, maar een vertrekpunt. Wat toen begon als een project rond voedsel, bleek voor mij het begin van een veel persoonlijkere zoektocht.
Het bracht verschillende lijnen in mijn leven samen. Mijn persoonlijke zoektocht naar gezondheid. Mijn groeiende belangstelling voor maatschappelijke en duurzame vraagstukken. Mijn werk, waarin communicatie helpt om beweging begrijpelijk, toegankelijk en menselijk te maken. En mijn fascinatie voor verbinding, gemeenschappen, buurten en de vraag hoe verandering ontstaat.
Ik wist toen nog niet waar dat toe zou leiden.
Wel wist ik dat deze vragen me niet meer loslieten.
Wat als gezond voedsel niet exclusiefs is, maar weer vanzelfsprekend wordt?